How do these buildings make you feel?
Verslag van leesclub #2 – we lazen Humanise van Thomas Heatherwick
“Thermoceptie”; mensen nemen temperaturen ook waar met hun ogen, zo voelen gebouwen met veel glas en metaal al snel kil aan. In zijn boek Humanise neemt Thomas Heatherwick volop de ruimte om te illustreren op welke manieren onze gebouwde omgeving invloed heeft op hoe we ons voelen. En vooral hoe saaie gebouwen een destructieve uitwerking hebben. Ze dragen eraan bij dat we ons gestrest, ziek, eenzaam en angstig voelen. Heatherwick gaat zelfs zover dat ze bijdragen aan verdeeldheid, conflict en klimaatcrisis. Gebouwen die eentonig zijn, grootschalig, zonder franje, met vlakke gevels en daken, rechttoe-rechtaan en anoniem; ze zorgen ervoor dat we antisociaal gedrag vertonen en worden ook nog eens heel makkelijk gesloopt en zijn dus niet duurzaam.
Heatherwick doet met zijn boek een appèl op het verantwoordelijkheidsgevoel van ontwerpers en opdrachtgevers. Met een simpel plaatje, dat een van de leesclub-deelnemers tegenwoordig veelvuldig toont in haar presentaties, vat hij de essentie samen. Als je een gebouw neerzet, beïnvloed je het leven van ontzettend veel mensen. Ook is Heatherwicks boek een aansporing voor het brede publiek: we moeten het niet langer pikken dat onze omgeving zo achteloos wordt volgebouwd met inhumane bouwwerken en in verzet komen!

Waarom bouwen we dit soort gebouwen? In Heatherwicks ogen spelen architecten hier een belangrijke rol in. Architecten van nu zijn nog steeds beïnvloed door de doctrine van de ‘god of boring’: het modernisme van Le Corbusier. En dat is te danken aan de manier waarop architectuuronderwijs gegeven wordt. Studenten worden tijdens hun studie gebrainwashed. Ze houden na verloop van tijd allemaal van dezelfde minimalistische vormen, gebruiken dezelfde taal en iedereen die het er niet mee eens is, heeft geen verstand van architectuur. Heatherwick noemt het een cult. De deelnemers aan de boekbespreking en die architectuur hadden gestudeerd kwamen niet in het verweer. “Bij het lezen voelde ik me betrapt”, zei de een. Een ander: “dat is precies waarom ik me tijdens mijn studie zo’n buitenstaander voelde.”
Het gekke is dat het modernisme eigenlijk de vormentaal was van een specifieke tijdsperiode; vooral van net na de Tweede Wereldoorlog, waarbij nadruk lag op socialistische waarden, verheffing en het tegengaan van het nationalisme. Waarom zijn we daar zo in blijven hangen? Een deelnemer aan de boekbespreking haalt Max Weber aan, met zijn stelling dat het succes van het kapitalisme te danken was aan de dominante calvinistische ethiek van soberheid en doelmatigheid; waarden die ook centraal stonden bij het modernisme en die het dus ook aantrekkelijk maakten voor het kapitalisme. Ook Heatherwick zet in zijn boek uiteen dat de grote invloed die het modernisme nog steeds heeft, wordt gefaciliteerd door de hang naar efficiëntie, het streven naar winstmaximalisatie, risicomijding, dat er sprake is van een aanbodmarkt (en het dus niet echt nodig is te luisteren naar wat mensen willen), door de manier van aanbesteden waarbij tijd en geld de belangrijkste criteria zijn, door bouwregelgeving en door de manier waarop ruimtelijke ordening bedreven wordt waarbij het brede publiek maart weinig invloed heeft op wat er wordt gebouwd.
Heatherwick doet suggesties voor hoe te werken aan meer menselijke gebouwen. Een grote rol is er weggelegd voor architectuur. Maar dat is ook precies waar het volgens deelnemers aan de boekbespreking misgaat. Want de invloed van architecten is allang niet meer zo groot. Het zijn juist de andere oorzaken die Heatherwick noemt, die dominant zijn. Als architect kan je daar nauwelijks iets tegenin brengen. Een ander punt van kritiek op het boek was dat het wel erg veel focus legt op het object, het is echt een architectenperspectief. Zou de wereld, of een buurt, nou echt beter zijn met allemaal interessante, niet-saaie, gebouwen? Daar is wel meer voor nodig. Waar begin je met denken?
Wat wel gewaardeerd wordt is met name het pamflettistische karakter van het boek. Het is echt een oproep om het anders te doen. En dat is wat het boek gemeen heeft met het beroemdste boek van Jane Jacobs. Ook zij trekt in haar boek van leer tegen ‘pseudo-planologen’ die er helemaal niets van begrepen hebben. De taal van Heatherwick is door de combinatie van woord en beeld aansprekend en wellicht meer passend bij de huidige tijd. Al is het de vraag of het brede publiek met dit boek nou echt bereikt wordt.
Voor de volgende leesclub is het boek Palaces for the People van Eric Klinenberg gekozen. De boekbespreking is beoogd voor juni, datum volgt.
Reacties